Slimme hommels kunnen voetballen

| Wetenschap
Slimme hommels kunnen voetballen

Foto: Olli Loukola/QMUL

Hommels die voetballen? Het kan! Onderzoekers leerden het trucje aan hommels, en die bleken prima in staat een balletje in een doel te rollen. Het nut: hieruit blijkt dat ook dieren met heel kleine hersens taken kunnen oplossen die cognitief heel complex zijn. Tot nu toe kenden onderzoekers dergelijke trucjes alleen van mensen, primaten, mariene zoogdieren en vogels.

Lachwekkend
Het ziet er bijna lachwekkend uit, maar de reeks experimenten van het Britse onderzoeksteam zijn wel degelijk serieus (Science, 24 februari). In onderzoeksfilmpjes is te zien hoe hommels in een kleine onderzoeksarena duwend en trekkend een klein geel balletje naar het midden van het veld brengen, in ruil voor een slok suikerwater. 

Intelligentietest
De test is een manier om de intelligentie van de hommels te meten. Het gedrag wijkt namelijk zo sterk af van het natuurlijke gedrag van de hommel, dat hij heel flexibel moet zijn om toch de taak te kunnen uitvoeren. In zijn natuurlijke omgeving zou hij deze situatie niet tegenkomen, maar toch weet hij om te gaan met dit vreemde object.

Dat leerden de hommels op drie verschillende manieren. Door te kijken naar een andere hommel die de bal naar de middenstip rolde. Doordat de bal als vanzelf ging bewegen dankzij een magneet. Of doordat de bal al op de middenstip lag. Wanneer een andere hommel het trucje even voordeed, leerden de nieuwe testhommels het voetballen het snelst.

Flexibel
Opvallend is dat de hommels niet simpelweg de oplossing imiteerden van de eerdere demonstratie. Toen de onderzoekers de gele bal vervingen door een zwarte, wisten de hommels nog steeds te scoren. Bovendien pakten de hommels de bal die dichtbij lag, terwijl de meester-hommel telkens de bal pakte die het verst weg lag. Ook trokken de hommels de bal, terwijl in het voorbeeld de bal werd geduwd. Zo konden ze de taak sneller uitvoeren, en eerder hun beloning krijgen: het felbegeerde suikerwater.

‘De hommels voerden de taak uit in een andere manier dan gedemonstreerd, wat suggereert dat ze niet kopiëren wat ze zien, maar dit ook verbeteren’, zegt eerste auteur Olli Loukola. ‘Dit toont een indrukwekkende hoeveelheid cognitieve flexibiliteit, zeker voor een insect.’

Ook dieren met kleine hersenen kunnen dus meer aan dan simpele leertaken. De onderzoekers denken dat veel meer dieren taken kunnen oplossen die cognitief complexer zijn dan hun natuurlijke gedrag, maar ze zullen dat gedrag pas vertonen wanneer de omgeving dat vereist.

foto Maartje Kouwen door
Maartje Kouwen